• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
"Dit woord ontstelde hem en ontdaan ging hij heen, omdat hij vele goederen bezat" (Mc. 10, 21). De rijke jongeman uit het Evangelie die de roeping van Jezus niet volgt, herinnert ons aan de obstakels welke het vrije antwoord van de mens kunnen blokkeren of uitdoven.

Niet alleen kunnen de materiële goederen heit menselijk hart afsluiten voor de geestelijke waarden en de radicale eisen van het Rijk Gods, maar ook kunnen bepaalde sociale en culturele condities van onze tijd vaak bedreigingen vormen, verminkte en valse gezichtspunten omtrent de ware aard van de roeping opdringen en de aanvaarding en het begrip zelf van de roeping moeilijk, zo niet onmogelijk, maken.

Velen hebben zo'n vaag en verward idee van God dat ze vervallen in vormen van religiositeit zonder God, waarin de wil van God opgevat wordt als een onveranderlijk en onafwendbaar noodlot waarnaar de mens zich slechts heeft te schikken en hij geheel passief moet berusten. Maar dat is niet het gelaat van de God die Jezus Christus ons is komen openbaren. God is in werkelijkheid de Vader die met eeuwige en voorkomende liefde de mens roept, in een bewonderenswaardige en voortdurende dialoog met hem treedt en hem uitnodigt om als zijn kind zijn eigen goddelijk leven te delen. Het is zeker dat de mens met een verkeerd idee van God ook niet de waarheid over zichzelf kan kennen, zodat de roeping niet begrepen en verwezenlijkt kan worden in haar authentieke waarde, maar alleen als een opgelegde en ondraaglijke last gevoeld kan worden.

Ook de bepaalde misvormde ideeën over de mens, die dikwijls ondersteund worden door voorgewende filosofische of "wetenschappelijke" argumenten, brengen de men er soms toe om zijn bestaan en vrijheid te interpreteren als volledig bepaald en geconditioneerd door uitwendige factoren van opvoedkundige psychologische, culturele of sociale aard. Soms ook wordt de vrijheid begrepen in termen van absolute autonomie, heeft zij de pretentie de enige en onaanvechtbare bron van persoonlijke keuzen te zijn en kenmerkt zij zich als bevestiging van zichzelf ten koste van alles. Maar op deze wijze wordt de weg versperd voor het begrip en de verwerkelijking van de roeping als vrije dialoog van liefde, die voortkomt uit de gave van God aan de mens en besloten wordt met de oprechte zelfgave van de mens.

In de huidige context bestaat ook de neiging om zich de verhouding van de mens tot God op individualistische en geheel innerlijke wijze voor te stellen, alsof de roeping van God rechtstreeks de enkeling bereikt zonder enige bemiddeling van de gemeenschap en een voordeel of het heil van het geroepen individu beoogt en niet de totale toewijding aan God in de dienst aan de gemeenschap. Zo ontmoeten wij een andere diepere en tevens meer subtiele bedreiging die het onmogelijk maakt met vreugde de kerkelijke dimensie welke iedere christelijke roeping en speciaal de priesterroeping van nature heeft, te erkennen en te aanvaarden. Zoals het Concilie ons in herinnering brengt, verwerft het gewijde priesterschap zijn authentieke betekenis en verwerkelijkt het de volle waarheid van zichzelf in het dienen en dien groeien van de christelijke gemeenschap van de gelovigen. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 10 Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over het leven en dienst van de priester, Presbyterorum Ordinis (7 dec 1965), 12

De vermelde culturele context, die ook invloed heeft op de christenen en speciaal op de jongeren, helpt om te begrijpen hoe de crisis van de priesterroepingen, welke veroorzaakt wordt door en samengaat met een meer radicale geloofscrisis, zich uitbreidt. De Synodevaders hebben dat uitdrukkelijk verklaard en zij hebben erkend dat de crisis van de priesterroepingen diepe wortels heeft in het culturele milieu en in de mentaliteit en het leven van de christenen. Vgl. Bisschoppensynodes, Propositiones t.b.v. de 8e Bisschoppensynode over de vorming van priesters, 13

Vandaar de dringende noodzaak dat de roepingenpastoraal van de Kerk zich beslist en met prioriteit richt op het herstel van de "christelijke mentaliteit", die opgewekt en onderhouden wordt door het geloof. Meer dan ooit is er een evangelisatie nodig die niet moe wordt het ware gelaat te tonen van God, de Vader die in Jezus Christus ieder van ons roept, en de ware zin van de menselijke vrijheid als beginsel en klacht van de verantwoordelijke zelfgave. Alleen zo zullen de grondslagen gelegd worden die onmisbaar zijn om alle roepingen, de priesterroepingen inbegrepen, in hun waarheid te kunnen begrijpen, in hun schoonheid te kunnen beminnen en met totale toewijding en diepe vreugde te kunnen verwezenlijken.

Document

Naam: PASTORES DABO VOBIS
Ik zal u herders geven - N.a.v. de Bisschoppensynode over de priesteropleidingen
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 25 maart 1992
Copyrights: © 1992, Stg. R.K. Voorlichting, Oegstgeest
Bewerkt: 1 juli 2021

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2024, Stg. InterKerk, Schiedam, test