• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Op de eerste plaats dan: wat de onverbreekbare hechtheid van het echtverbond betreft: deze wordt door Christus zelf benadrukt met de woorden: "Wat God heeft verenigd, dat scheide geen mens" (Mt. 19, 6) en: "Wie zijn vrouw verstoot en een andere huwt, pleegt echtbreuk; en wie een vrouw huwt, die door haar man is verstoten, pleegt echtbreuk." (Lc. 16, 18) In deze onontbindbaarheid nu legt Augustinus het huwelijksgoed, dat hij sacrament noemt. Dat zegt hij met de duidelijke woorden: "Met "sacrament" wordt bedoeld het verbod om de huwelijksgemeenschap te ontbinden, en het verbod voor de gescheiden echtgenoot of echtgenote om een verbintenis met een ander aan te gaan, zelfs niet om kinderen te krijgen." H. Augustinus, De Genesi ad litteram. lib. 9, cap. 7, n. 12

Deze onschendbare hechtheid is wel niet voor ieder huwelijk even sterk en volmaakt, maar is toch een wezenseigenschap van ieder waar huwelijk. Immers, het woord des Heren: "Wat God heeft verenigd, dat scheide geen mens", is gezegd van het huwelijk onzer eerste ouders, het oertype van alle toekomstige huwelijken, en moet dus noodzakelijk doelen op alle ware huwelijken.

Weliswaar werd vóór Christus de hoge en strenge zin van die oorspronkelijke wet in zoverre verzacht, dat Mozes zelfs aan de burgers van het volk Gods wegens de hardheid van hun gemoed toestond, om bepaalde redenen een scheidsbrief te geven; maar Christus heeft krachtens Zijn macht als opperste wetgever dat verlof tot grotere vrijheid herroepen, en de oorspronkelijke wet weer in haar geheel hersteld door de nooit te vergeten woorden: "Wat God heeft verenigd, dat scheide geen mens." Daarom heeft onze voorganger Pius VI in een antwoord aan de bisschop van Erlau met grote wijsheid geschreven:

"Hieruit blijkt duidelijk, dat het huwelijk zelfs in de natuurstaat, en in ieder geval lang voordat het tot de waardigheid van een eigenlijk gezegd sacrament werd verheven, door God zó was ingesteld, dat het een eeuwige, onverbreekbare band medebrengt, die dus ook verder door geen enkele burgerlijke wet kan ontbonden worden. Al kan dan ook het huwelijk zonder het sacrament bestaan, zoals dat bijv. bij de ongelovigen het geval is, toch moet ook zulk een huwelijk als het nu eenmaal een waar huwelijk is - blijven bestaan, en blijft ook absoluut bestaan, die immerdurende band, die van het eerste begin af krachtens goddelijk recht het huwelijk zó eigen is, dat hij onder geen enkel burgerlijk gezag staat. Bijgevolg: zo dikwijls er sprake is van een huwelijkssluiting, is één van de twee het geval: ofwel, men sluit het huwelijk met de bedoeling, dat er werkelijk een waar huwelijk ontstaat, en in dat geval zal dit ook die altijddurende band hebben, die door goddelijk recht aan ieder waar huwelijk eigen is; ofwel, men veronderstelt, dat het gesloten wordt zonder die altijddurende band, doch in dat geval is het geen huwelijk, maar een ongeoorloofde verbintenis, die krachtens haar voorwerp in strijd is met het goddelijk recht, en die men dus niet mag aangaan en niet mag voortzetten." Paus Pius VI, Antwoord aan de bisschop van Erlau, Rescript. ad episc. Agriens (11 juli 1789)

Document

Naam: CASTI CONNUBII
Over het Christelijk huwelijk, met inachtneming der in gezin en maatschappij heersende toestanden, noden, dwalingen en misbruiken
Soort: Paus Pius XI - Encycliek
Auteur: Paus Pius XI
Datum: 31 december 1930
Copyrights: © 1961, Ecclesia Docens, Gooi & Sticht, Hilversum 0112 (6e druk)
Vert.: F.A.J. van Nimwegen CssR
Bewerkt: 22 oktober 2021

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2023, Stg. InterKerk, Schiedam, test