• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

TOT DE GELOVIGEN VAN NEW YORK IN HET YANKEE-STADION

Broeders en kinderen van New York,
broeders en kinderen van de Verenigde Staten en van geheel Amerika,
gij allen, uit alle delen van de wereld, die hier bijeen zijt,
wij groeten en zegenen u!
Dit is de dag die de Heer gemaakt heeft; laat ons juichen, laten wij ons verheugen vandaag! Dit is de dag waarnaar wij sinds eeuwen verlangd hebben; de dag waarop voor de eerste keer de paus voet zet op dit jonge en glorievolle continent! Een historische dag, want hij roept voor onze geest op en vormt tegelijk een bekroning van de lange jaren van ge­loofsprediking in Amerika; een getuigenis van de schitterende ontplooiing van de Kerk in de Verenigde Staten. Alle eer is aan u, broeders en kinderen, moge de vrede en vreugde van Christus met u zijn, met u, die wij ieder persoonlijk zouden willen ontvangen en omarmen.
Een vaderlijke en broederlijke groet richten wij tot u, bisschoppen en zielenherders, priesters, mannelijke en vrouwelijke religieuzen van Amerika, Tot de herder van dit bloeiende aartsbisdom Francis kardinaal Spellman, aartsbisschop van New York, die hier naast ons staat, richten wij onze groet en onze zegen als een teken van onze hoogachting, genegen­heid, In het bijzonder op deze dag, de feestdag van de heilige Franciscus van Assisi, wensen wij hem geluk met zijn naamdag. Tezamen met hem begroe­ten wij de gehele katholieke gemeenschap van New York en van al de staten van het Verenigde Amerika. Wij kennen uw herderlijk werk en uw trouw; we zijn op de hoogte van de prachtige organisatie en de geestelijke vitaliteit van uw parochies, uw semina­ries en universiteiten, uw scholen, ziekenhuizen en liefdadigheidsinstellingen. Wij kennen uw liefde voor Christus en zijn Kerk. Wij bevestigen van u, hetgeen de heilige Paulus schreef aan de Romeinen, dat "in de gehele wereld van uw geloof wordt gesproken" (Rom. 1. 8). En het is vanuit Rome, dat wij u de boodschap van geloof en liefde komen brengen, die ons allen in Christus verenigt, tezamen met de zegen van de heiligen Petrus en Paulus.
Wij zijn zeer verheugd. dat wij tegelijkertijd met alle hoogachting en oprechtheid onze gescheiden broeders in Christus - door het doopsel en het geloof in de Heer Jezus met ons verbonden -, die hier aan­wezig zijn, kunnen begroeten, Wij bewaren hen allen in ons hart en wij blijven voor hen bidden. Wij rich­ten ook een groet tot alle aanwezigen, die een ander geloof belijden en die in goed vertrouwen ernaar streven de almachtige God, de Heer van hemel en aarde, te vinden en te dienen.
Wij zijn er ons van bewust, dat het gehele Ameri­kaanse volk hier tegenwoordig is in zijn edelste en meest karakteristieke vorm; een volk dat zijn levens­opvatting baseert op geestelijke waarden, op een godsdienstig besef, op het naleven van de wet, op vrijheid, loyaliteit, werk. plichtsbesef, gezinsverband, edelmoedigheid en durf. Wij brengen eer aan al deze menselijke en burgerlijke deugden van dit grote volk. wij herkennen daarin grote christelijke waarden en wij hopen, dat zij altijd levend mogen blijven in het Amerikaanse volk en dat zij dit volk zullen bewaren voor de gevaren, die schuilgaan in de voorspoed en die door het materialisme van onze dagen extra drei­gend zijn, Aan zijn korte maar heldhaftige geschie­denis kan dit jonge viel varende land trotse en over­tuigende voorbeelden ontlenen tot bemoediging in zijn verdere vooruitgang.
Aldus gaan onze gedachten ook uit naar allen, hier tegenwoordig, die behoren tot een andere natie. Zij vormen een bewijs van de gastvrijheid van dit land en van het feit. dat mensen van verschillende oor­sprong samen kunnen leven en werken in vrijheid en eensgezindheid tot hun wederzijds voordeel. Aan hen allen en hun respectievelijke landen zenden wij onze groeten en goede wensen.
Wat kunnen wij u zeggen, dat beantwoordt aan de plichten van ons apostolisch ambt en tegelijkertijd in overeenstemming is met de geest van deze unieke gelegenheid? Wat kunnen wij beter doen dan de woorden aanhalen van het evangelie, dat zojuist is voorgelezen? De woorden van de herrezen Jezus, die Hij driemaal herhaalde: "Vrede zij u".

Ja waarlijk, vrede zij u!

Welk een rijkdom van betekenis, welk een overvloed van goeds ligt er besloten in deze goddelijke en men­selijke groet "vrede". Duizendmaal herhaald als zij is, kennen wij allen deze groet, verlangen wij allen er­naar. En dat is goed. Maar sta ons toe u aan te sporen haar nogmaals goed te overwegen, haar te zien en te aanvaarden als de evangelische boodschap van de paus, als de groet, die hij sprak tot allen die hij ontmoette, nadat hij voet gezet had op deze grond:

Vrede zij dit huis, dit continent, en allen die het bewonen.

Drie dingen hebben wij u nog te zeggen.

Ten eerste:

Gij moet de vrede liefhebben. Hier kun­nen wij de woorden van Christus aanhalen: "Zalig die vrede brengen, want zij zullen kinderen van God genoemd worden" (Mt, 5, 9). Wanneer wij werkelijk christenen willen zijn, moeten wij de vrede liefheb­ben, moeten wij de zaak van de vrede tot de onze maken; dan moeten wij ernstig nadenken over de werkelijke betekenis van het begrip vrede, dan moe­ten wij onze geest, onze mentaliteit afstemmen op de vrede.

In het verleden is de mentaliteit en de houding van de mensen niet altijd in deze geest opgevoed, maar vandaag de dag moet dit wel zo zijn. Wij moeten de vrede beminnen, want de vrede moet allereerst wonen in de innerlijkheid van het hart van de mens, eerst daarna kan zij heersen in de uiterlijkheid van de samenleving. De vrede moet leven en heersen in het bewustzijn van de mens, zoals de Heilige Schrift ons leert: "laat de vrede van Christus heersen in uw hart" (Kol. 3, 15). Vrede is orde in de verhouding tot God en in de verhouding tot de mensen; vrede is wijsheid, gerechtigheid, beschaving. Wie de vrede liefheeft, heeft de mensheid lief, zonder onderscheid tussen ras of kleur.

De tweede gedachte:

Gij moet de zaak van de vrede dienen. Dienen, en haar niet misbruiken voor doel­einden, die niet op de ware vrede betrekking hebben; haar niet misbruiken als een vlag om lafheid en zelf­zucht, die niet bereid zijn om offers te brengen voor het gemeenschappelijk goed, te bedekken. Gij moogt de geest van de ware vrede niet verzwakken of mis­vormen door de stem van de plicht te ontlopen en slechts eigen belang en eigen genoegens na te stre­ven. Vrede is niet een eenmaal verworven, permanente toestand; vrede moet opgebouwd worden door dag aan dag te werken voor de vrede. Dit werk ten be­hoeve van de vrede is op de eerste plaats van sociale aard: hulp aan de armen, die nog altijd een enorm deel van de wereldbevolking uitmaken, hulp aan de behoeftigen, aan de zwakken, de zieken, de onweten­den. Vrede is te vergelijken met een tuin, waarin openbare en particuliere weldadigheid wonderschone bloemen en vriendschap, saamhorigheid en naasten­liefde opkweken.

En de derde gedachte:

Vrede moet, wil zij duurzaam zijn, berusten op zedelijke en godsdienstige begin­selen. Politiek is niet voldoende om een blijvende vrede te verzekeren. Afwezigheid van conflict alleen is niet genoeg, om de vrede een bron van geluk en welvaart te laten zijn. Vrede moet verankerd zijn in wijsheid en deze wijsheid vindt alleen voedsel in de juiste levensopvatting, dat is de christelijke levens­opvatting. Denkt aan de woorden van de Heer Jezus Christus: "Vrede laat Ik u na; mijn vrede geef Ik u. Niet zoals de wereld die geeft, geef Ik hem u (Joh. 14, 27). Jezus, de Prins van de vrede, heeft zijn eigen, originele, karakteristieke vrede, die elke men­selijke verhouding regelt, omdat zij op de allereerste plaats de verhouding met God regelt.

Nu wij ons in uw midden bevinden op een ogenblik zo schoon, zo kortstondig maar zo belangrijk, weten wij geen betere manier om u te groeten en kunnen wij geen betere herinnering bij u achterlaten dan de heilige groet van Christus te herhalen: Vrede! Zijn vrede zij u'
Tenslotte nog een enkel woord:

Aan het einde van deze heilige mis zullen Wij een steen zegenen, die afkomstig is van de basiliek van de heilige Petrus en die wij voor u hebben meegebracht uit Rome. Deze steen zal gelegd worden als grondslag voor een groot, nieuw gebouw, het semi­narie van het aartsbisdom New York. Met de moed en de vooruitziende blik, die hem eigen Zijn, heeft kardinaal Spellman het plan opgevat dit seminarie te bouwen voor de nieuwe generatie priesterstudenten, die zich aldaar zullen gaan voorbereiden op hun taak in dienst van onze moeder de heilige Kerk. Dit monu­ment zal een blijvende herinnering zijn aan ons be­zoek aan u. Deze hoeksteen moet gij zien als een welsprekend symbool van het geloof en de liefde waarin de katholieken van New York verbonden zijn met de Kerk van Rome. Deze plechtigheid moge gij zien als een bewijs van ons vertrouwen in de semi­naristen van New York, de seminaristen van vandaag en die van morgen; en als een onderpand van onze goede wensen. Mogen zij altijd door God gesteund worden, mogen zij altijd zijn de "Gloria Christi", "de roem van Christus" (2 Kor. 8, 23).

Document

Naam: TOT DE GELOVIGEN VAN NEW YORK IN HET YANKEE-STADION
Soort: H. Paus Paulus VI - Homilie
Auteur: H. Paus Paulus VI
Datum: 4 oktober 1965
Copyrights: © 1965, Katholiek Archief, 20e jrg. nr. 46, 1182-1185
Bewerkt: 7 november 2019

Referenties naar dit document

 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2024, Stg. InterKerk, Schiedam, test