• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

“Maria schonk het licht aan haar eerstgeboren zoon” (Lc. 2, 7). Met deze zin vertelt de heilige Lucas helemaal zonder pathos de grote gebeurtenis, die de profetische woorden uit de geschiedenis van Israël van te voren onderkend hadden. Lucas noemt het kind de “eerstgeborene”. In de taal die zich in de heilige Schrift van het Oud Testament gevormd had, betekende de ‘eerstgeborene’ niet de eerste van een reeks andere kinderen. Het woord ‘eerstgeborene’ is een eretitel, onafhankelijk van de vraag of er verder nog broers en zusjes volgen of niet. Zo wordt het volk Israël door God in het Boek Exodus (Ex. 4, 22) als “mijn eerstgeboren zoon” aangeduid; daarmee wordt zijn uitverkiezing en zijn unieke waardigheid uitgedrukt en ook de bijzondere liefde van God de Vader voor hem. De beginnende Kerk wist dat dit woord in Jezus een nieuwe diepte gekregen had; dat de beloften aan Israël in Hem samengevat zijn. Zo noemt de Brief aan de Hebreeën Jezus “de eerstgeborene”, eenvoudigweg om Hem na al de voorbereidingen in het Oud Testament als de Zoon aan te duiden, die God in de wereld binnenleidt Vgl. Heb. 1, 5-7 . De eerstgeborene behoort God op bijzondere wijze toe, en daarom moest hij – zoals in vele godsdiensten – op bijzondere wijze aan God toevertrouwd en door een plaatsvervangend offer afgekocht worden, zoals de heilige Lucas het in zijn verhaal van de opdracht van Jezus in de tempel vertelt. De eerstgeborene behoort op een bijzondere wijze aan God toe; Hij is om zo te zeggen voor het offer bestemd. In Jezus’ kruisoffer komt de bestemming van de eerstgeborene op unieke wijze tot vervulling. In zichzelf offert Hij de mensheid aan God en verenigt de mens en God op zulke wijze, dat God alles in allen wordt. De heilige Paulus heeft in de Brieven aan de Kolossenzen en aan de Efesiërs het idee van Jezus als eerstgeborene uitgebreid en uitgediept: Jezus is, zoals deze brieven ons zeggen, de Eerstgeborene van de schepping – het eigenlijke oerbeeld van de mens, naar wie God het schepsel mens geschapen heeft. De mens mag Gods beeld zijn omdat Jezus God én Mens is, het ware beeld van God én van de mens. Hij is de Eerstgeborene uit de doden, zeggen deze brieven ons bovendien. In de verrijzenis heeft Hij de muur van de dood voor ons allen doorbroken. Hij heeft voor de mens de dimensie van het eeuwig leven in gemeenschap met God geopend. Tenslotte wordt ons gezegd: Hij is de Eerstgeborene van vele broeders. Ja, Hij is nu toch de eerste in een rij van broeders, de eerste die ons inwijdt in een leven van gemeenschap met God. Hij schept de ware broederlijkheid – niet de door de zonde misvormde broederlijkheid van Kaïn en Abel, van Romulus en Remus, maar de nieuwe broederlijkheid, waarin wij de familie zelf van God zijn. Deze nieuwe familie van God begint op het ogenblik dat Maria de ‘eerstgeborene’ in doeken wikkelt en in de kribbe neerlegt. Bidden wij tot Hem: Heer Jezus, die als eerste onder vele broeders geboren hebt willen worden, geef ons de ware broederlijkheid. Help ons om op U te gelijken. Help ons om uw gelaat te herkennen in de andere die me nodig heeft, in hen die lijden of in de steek gelaten worden, en in alle mensen; help ons met U samen te leven als broeders en zusters om één familie te worden, uw familie.

Document

Naam: “GIJ ZIJT MIJN ZOON, IK RIEP HEDEN U IN HET LEVEN”
Hoogfeest van de Geboorte van de Heer 2010 - Middernachts Mis - Vaticaanse Basiliek
Soort: Paus Benedictus XVI - Homilie
Auteur: Paus Benedictus XVI
Datum: 24 december 2010
Copyrights: © 2011, Libreria Editrice Vaticana
Vert. vanuit het Italiaans: Hugo Maes pr.; alineaverdeling en -nummering: redactie
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2023, Stg. InterKerk, Schiedam, test