Paus Johannes Paulus I - 6 september 1978
Zodra het echter over geboden gaat, wordt het al een beetje moeilijker. Soms is het heel moeilijk om de geboden te onderhouden. Maar God heeft ze ons niet zomaar gegeven, uit een of andere gril, niet voor zijn eigen plezier, maar enkel en alleen voor onze bestwil!
Er was eens iemand die een auto wilde kopen. De autohandelaar zei hem: 'U hebt nu gezien wat deze wagen voor een prestatie kan leveren! Maar u moet hem wel goed behandelen: super in de tank en goede olie voor de versnellingsbak.' De ander zei daarop: 'Het is maar dat u het weet, maar ik kan geen benzine- of olielucht verdragen! Ik denk dat ik daarom in de tank wijn zal gieten, want daar houd ik heel veel van, en de versnelling zal ik met jam laten smeren.' Toen zei de autohandelaar: 'Wat u doet, moet u zelf weten, maar dan moet u straks niet bij mij aankomen met uw klachten als u met uw wagen in de sloot terecht bent gekomen.'
Zo ongeveer heeft God ook met ons gedaan. Hij heeft ons dit lichaam gegeven dat tot leven komt door de geestelijke ziel en door een goede wil. Maar Hij heeft er bij gezegd: 'De motor is goed. Je moet hem echter wel goed behandelen.' Daarvoor zijn nu precies de geboden, bijvoorbeeld: